Paroxetine
Geneesmiddellen: Paroxetine
Soort geneesmiddel: SSRI (Antidepressivum)
Merknaam: Seroxat
Werkingsmechanisme: Paroxetine is een Selectieve Serotonine Reuptake Inhibitor (SSRI). Zoals terug te vinden is bij de pathofysiologie van depressie, is er bij depressie een tekort aan serotonine in de hersenen. SSRI’s inhiberen presynaptisch en somatodendritisch de serotonine reuptake transporter (SERT). Dit leidt uiteindelijk ertoe dat er meer serotonine in de synaptische spleet beschikbaar is voor binding aan postsynaptische receptoren. Door deze toename zal in de eerste 4 weken van de behandeling de presynaptische serotonine autoreceptor 5HT1A vaker gebonden worden, waardoor er de eerste weken nettominder serotonine in de synaptische spleet aanwezig zal zijn dan voor de behandeling. Dit lijdt tot een verergering van de depressie. Echter zal door de overstimulatie van 5HT1A deze gedownreguleerd worden. Hierdoor zal de netto concentratie van serotonine stijgen in de synaptische spleet en zullen de depressieverschijnselen verminderen. Zie onderstaand figuur voor een schematische weergaven van de werkingsmechanismen van antidepressiva.
Aangrijpingspunten antidepressiva
Toedieningsvormen paroxetine: 10, 20 en 30mg tabletten en 2 mg/ml suspensie.
Paroxetine dient tijdens het ontbijt eenmaal per dag gedoseerd te worden. Ouderen maximum dosering 40 mg per dag. Bij leverfunctiestoornis en ernstige nierfunctiestoornis (creatinineklaring < 30 ml/min.): dosering beperken tot het lage uiteinde van het doseringsbereik.
| Doseringen | |
| Indicatie | Dosering |
| Depressie | 20 mg per dag tot max. 50 mg per dag verhogen gedurende tenminste 6 maanden. |
| Obsessieve compulsieve stoornis | 20 mg per dag tot max. 60 mg per dag. De behandeling enkele maanden of langer voortzetten totdat de symptomen verdwenen zijn. |
| Paniekstoornis | 10 mg per dag (om te voorkomen dat een verslechtering van de symptomen optreedt zoals men in het begin van de behandeling kan verwachten) tot max. 60 mg per dag. De behandeling voortzetten totdat de symptomen zijn verdwenen, enkele maanden of langer. |
| Sociale fobie,Gegeneraliseerde angststoornis en Post-traumatische stressstoornis | 20 mg tot max. 50 mg per dag. Langdurig gebruik regelmatig evalueren. |
| Bijwerkingen | |
| Hoe / wat | Achtergrond |
| Misselijkheid | Stimulering van de 5-HT3-receptor leidt tot misselijkheid |
| Alertheid en mogelijk angst, slapeloosheid, motorische onrust | Stimulering van de 5-HT2-receptor leidt tot een verhoging van alertheid en mogelijk angst, slapeloosheid, motorische onrust. |
| Verminderd libido | 5 HTA2A receptor in ‘pleasure centre’in mesocorticale system. Binding hiervan leidt tot verminderde activatie dopamine. Dit leidt tot verminderd libido |
| Seksuele stoornissen | 5HT2A receptor in ruggenmerg wordt geactiveerd, waardoor remming van de spinale reflexen van orgasme en ejaculatie plaats vindt |
| Verhoogde bloedingsneiging | Bij afgifte van serotonine gaan bloedplaatjes binden. De bloedplaatjes halen serotonine uit het bloed via een transporter: SERT. Bij beschadiging aggregeren ze via binding van 5HT2A receptor. Bij blokkade transporter door SSRI is er geen serotonine opname en daardoor geen aggregatie |
| Interacties | |
| Geneesmiddel | Achtergrond |
| NSAID’s | Gelijktijdig gebruikt zorgt voor een verhoogd risico van gastro-intestinale complicaties (m.n. ouderen zijn hiervoor gevoelig). Een mogelijk oorzaak kan gezocht worden in het feit dat SSRI’s de bloedingstijd verhogen door aggregatie van bloedplaatjes tegen te gaan, zie bovenstaand tabel. |
| MAOI’s, Serotonineprecursors (L-tryptofaan), triptanen, tramadol, andere SSRI’s, dextromethorfan en preparaten die sint-janskruid bevatten. | SSRI’s en de genoemde middelen zorgen voor een verhoogde beschikbaarheid van serotonine. Een combinatie van deze middelen zorgt voor en synergetisch effect, waardoor de serotonine syndroom kan optreden: fatale verschijnselen als tremor, myoclonus, zweten, misselijkheid, braken en hyperthermie. |
| Klasse IC-anti-aritmica, andere SSRI’s, antipsychotica (perfenazine, risperidon), atomoxetine en tricyclische antidepressiva. | Paroxetine is een krachtige remmer van CYP2D6 en kan de werking van middelen die via CYP2D6 worden gemetaboliseerd mogelijk versterken. |